
Eruit!
Ik begon vandaag met de titel van deze kop te veranderen in “eruit”. Omdat ik het gevoel heb dat ik “eruit” ben.
Patronen doorbreek. Maar ook het gevoel heb: “ik ben er weer”. Ik herken mezelf weer.
Ik moet nog steeds ontzettend veel rekening houden met belastbaarheid en de dagen nog steeds opdelen in blokjes. Maar binnen die structuur lukken dingen gelukkig weer.
Ik kan weer spontaan oppervlakkige praatjes maken met mensen, even contact maken, daar weer zin in hebben, niet meer bang zijn om het verkeerde te zeggen of een te vreemde snuiter te zijn. De sociale angst die ik had en het altijd maar willen pleasen zijn minder geworden. Ook, omdat ik steeds vaker mijn gevoel volg en daar dan gehoor aan geef. Voelt het shit, niet doen. Voelt het oké, dan prima, probeer maar. En lukt het: top!
En ik krijg meer ervaring in mijn energie goed houden. Ik weet nu gewoon dat ik na een blokje van 3 uur iets doen daarna niet zoveel meer kan en moet rusten en de rest van de dag rustige activiteiten moet plannen om de dag goed vol te houden.
Daar komt wel ook rouwverwerking bij kijken helaas, want ik vond het vroeger bijvoorbeeld fantastisch om naar de Efteling te gaan. Maar als ik nu mijn gevoel volg en alleen al denk aan de drukte en de hoeveelheid prikkels van een attractie en dat dan een hele dag “moet” doen. Dan is dat nu gewoon een nee. En misschien wel één die voor altijd “nee” betekent. En dat was wel even slikken, toen ik moest concluderen: het past niet (meer) bij me. En daarnaast voelde ik me ook nog schuldig naar Keet toe. Maar toen ik haar vroeg of ze het erg vond dat we niet gingen, zei ze: oh gelukkig, ik wil daar toch niet heen. Grinnik. Die gaat ook liever andere dingen doen dus. Lol.
Maar, ik heb ook weer nieuwe dingen ontdekt. Musea vind ik bijvoorbeeld weer wel echt leuk. Of een workshop volgen. Of naar een klimbos gaan. Of gewoon een boek lezen. Van de natuur genieten. Wandelen. Kunst kijken. Kunst maken 😀
Dat is erbij gekomen 🙂 en een verrijking. Het past veel beter bij wie ik inmiddels ben.

De shit voorbij
Daar zit ik; in de bank. Keet is naar turnen, Koos is werken. Ik volg nog steeds de vakopleiding realistisch fijnschilderen waar dingen inmiddels wat complexer beginnen te worden :), yes! Uitdaging :). En tegelijkertijd gaat het me zo gemakkelijk af dat ik daarin eigenlijk tijd en ruimte over hou.
Wat een luxe! Ik heb eigenlijk nog nooit gewerkt vanuit “dat het makkelijk was”. Het was altijd zweten, zwoegen, doorgaan. En nu kom ik op een punt terecht dat ik tijd heb 🙂
Wauw!
Alles loopt oké. Koos zit goed in zijn vel, ik zit goed in mijn vel, Keet ook. Mijn ouders en schoonouders zijn tot nu toe allemaal nog gezond. Ik ben nog wel op zoek naar dingen; misschien praten met lotgenoten, om me wat minder alleen te voelen in deze psychische kwetsbaarheid. Maar qua verbinding kan ik al veel beter met mijn omgeving omgaan dan pakweg een jaar geleden. En samen vooruit, met behandeling, maar ook met mijn relaties en gezin, werkt.
Als ik vragen heb op welk gebied dan ook, dan stel ik ze. Als er ruzie nodig is voor opheldering dan maak ik die. Als er liefde en nabijheid nodig is, omdat er iemand ziek is of dat gewoon even nodig heeft, dan kan ik dat geven. Alles mag er zijn inmiddels en dat geeft zoveel meer rust en ruimte. Openheid en eerlijkheid.

Het gaat goed!
Het kostte me even om dat tot me door te laten dringen. Maar ik zei het vorige week tegen iemand en daarin zei ik ook: “En deze keer meen ik het ook echt”. Het gaat goed. Er is rust. Ik kan genieten. Keet gaat met plezier naar school. Koos zit goed op zijn werk en is klaar met zijn opleiding. Door de afgelopen periode zijn zowel Koos als ik gegroeid en naar elkaar toe gegroeid en dat is heel fijn om te merken. Ik weet steeds vaker: ‘oh ja, ik moet even opletten, luisteren en reageren’ als hij tegen me begint te kletsen, en dan niet al met mijn eigen verhaal komen. Even luisteren, even valideren, even samen. Ik heb mijn lorazepam iets opgehoogd, terug naar af eigenlijk, naar 1 mg. Maar ik merkte dat ik met minder een veel voller hoofd had. Niet meer goed kon opletten, me slecht kon concentreren, geheugenproblemen kreeg. Prikkels kwamen harder binnen. En daardoor kon ik ook ’s avonds veel slechter slapen. Dus nu ook daarin; rust. En verder ben ik bezig met mijn comfortzone uit te breiden. Niet erbuiten gaan, maar hem uitbreiden. Dus dat betekent: wat vind ik fijn? Spelletjes spelen. Kan ik daar mensen bij uitnodigen? Wie vinden dat ook leuk om te doen? En dan vanuit daar afspraakjes maken. Wat vind ik nog meer fijn? Sporten. Dat ben ik op de sportschool gaan doen. Nu na een jaar begin ik mensen een beetje te kennen. Heb ik een routine gevonden in welke lessen en tijdstippen ik fijn vind en begin ik ook daar mezelf te vinden. Tussen die afspraken van sport en vrienden ben ik overdags vaak creatief; naai ik, of schilder ik of ,en dat komt er nu weer aan, ga ik aan de slag met een nieuwe zeep en in oktober weer kaarsen maken. Ook daar bedacht ik; wie zouden dat leuk vinden om dat met mij te doen? Toen nodigde ik mijn beste vriendin uit met haar dochter. Die komen nu straks gezellig met mij en Keet kaarsen maken. Helemaal leuk, helemaal gezellig.
En ik zeg nee tegen dingen die niet goed voelen, zoals naar de Efteling gaan of een dagje sauna. Dat voelt nog te groot. Teveel prikkels. Maar wie weet, dat ik over een jaar misschien wel weer een saunaatje wil pakken. Dat vond ik altijd super leuk en relaxed 🙂 . Pretparken en festivals dat is wel echt klaar. Dat vraagt gewoon teveel van me. Teveel prikkels, te moe als ik daarvan terug kom en vaak moet ik dan de dag daarna er ook nog van herstellen. Koos gaat gewoon lekker wel en de laatste keer ook samen met Keet. Een vader-dochter momentje. Dan is dat heel even slikken, maar daarna denk ik aan wat het me kost om daar te zijn en hang ik weer terug ontspannen in de bank met een filmpje of een boek en geniet ik van mijn Lonneke-alleen tijd. Die ook niet onbelangrijk is trouwens.
En ik ben mijn planning aan gaan passen. Ik heb nu overal notitieblokjes liggen en een uitgebreide weekplanner met overzicht van ieder zijn activiteiten. Om alles wat in mijn hoofd zit op te schrijven. Het helpt mij bij een overvol hoofd of een “shit, ik kan dit echt niet meer onthouden allemaal”. En dan weet ik: ‘het staat daar geschreven, als ik het niet meer weet, dan kan ik even terug kijken. Ook dat levert enorme rust op. Niet meer bang om dingen te vergeten. Niet meer bang om de opmerking te krijgen: “je luistert ook nooit”. Nou, nu wel, grijns. Want ik schrijf het op. Alles. En aan het einde van de week kijk ik of ik er nog iets mee moet, of dat het weg kan, die gedachten / acties. Helpt enorm! Of het nu perimenopauze is of toch iets van ADHD/ psychose-achterblijfsels. Ik heb nu weer een leeg hoofd. Mijn begeleidster zei: ‘ja, je hebt nu eigenlijk je eigen Harry-Potter hersenpan. Even die gedachten eruit en neerleggen op een plek waar je ze terug kan zien. Handig!
En ik kom terug op dingen. En dan soms zie ik een soort schrik-reactie of een reactie van verwondering dat ik het nog weet. Lol. Ook dat is heel prettig om te ervaren.

Maar dan…..het verhaal van de monteur…
Afgelopen week moest ik een slot laten vervangen. Ik woon in een huurhuis, dus alles binnen is voor jou als huurder om op te knappen, alles aan de buitenkant voor de verhuurder. Dat betekent dus dat je iemand moet laten komen als er iets met je voordeur is. In plaats van dat je het zelf mag fiksen. Nou oké dan. Dus ik een afspraak gemaakt voor 24 september.
Hij komt langs. Begint eerst met heel veel weerstand. “Ja, dit slot hoeft niet vervangen te worden, je kan ook gewoon de deur in het slot draaien”. Ik: dat is niet hoe een nachtslot werkt he. Stuk is stuk, en is het stuk, vervangen. Hij: “ja, ik weet niet of ik wel zo’n slot heb liggen hoor in mijn bus, misschien moet ik wel naar de bouwmarkt “. Ik: oké (later denkend dat ik deze afspraak heb ingepland 3 weken van te voren en heel duidelijk heb opgeschreven dat het nachtslot stuk is, dus waarom heb je dat dan niet mee?). Maar, dat krijg ik mijn strot niet uit. Ik word er door overvallen en overweldigd. Dan: “heb je er heel hard tegenaan lopen schoppen dan ofzo?”. Ik: “nee natuurlijk niet, dit is gewoon ouderdom, dat slot zit er al sinds de vorige bewoner in, wat dus al minstens 8 jaar is en met een beetje normaal gebruik misschien wel vanaf het begin van de bouw van dit huis”(?? Wat een rare vraag eigenlijk).
En dan nog zo’n opmerking: “en uhh hoezo ben je thuis vandaag? Wat doe je voor werk? (Het was op een donderdag ochtend). Dus ik, deze keer kiezend voor openheid, hoewel ik het heel eng vond: “ik werk niet”.
Hij: “hoezo niet?” We hebben hard mensen nodig hoor” (de strekking: hoezo doe je zo raar?”)
Dus ik: nou, ik heb 3 psychoses gehad in 10 jaar tijd en ik wil geen 4e meer meemaken.
Hij: “maar je bent nog zo jong”. Ik: “ja, daar weet ik alles van (alsof ik dat niet weet!). En toen werd ik boos en ging ik me verdedigen. Dus ik weer: “Ik heb een HBO gedaan en een Universiteit, daarna heb ik gewerkt. Toen kreeg ik mijn eerste psychose en met de zwangerschap een tweede. Na die tweede heb ik nog geprobeerd terug te komen en te reïntegreren. Van mijn ervaring mijn werk gemaakt als ervaringsdeskundige. Later als psycholoog. Maar toen viel ik terug. Het zit m dus echt niet in niet willen! Ik kan het gewoon niet. Niet zonder terug te vallen. Dan loopt er hier nog een meisje van 9 rond die het ook wel fijn vindt als mama stabiel blijft”. Dus, nee, ik werk niet! 😡🤬
Hij: oh ja, als het niet kan, ja dan kan het niet.
🤷♀️🤦♀️
Ik: Nee, precies ja. Nog na knetterend.

Ik weet niet hoe blij die monteur naar huis ging, maar ik was blij dat ie weer ging 🤭
Dus ik vertelde dat verhaal gisteren aan mijn begeleidster. En die was ook zo van: 😳🙄
En ze vroeg: hoe was dat nou eigenlijk om zo voor jezelf op te komen?
Goed en verdrietig tegelijk. Want ik vind het niet leuk om te moeten vertellen over waarom ik niet kan werken, dat vind ik nog steeds heel verdrietig eigenlijk. Maar het was wel goed om achter mezelf te staan. Dat voelde goed. Omdat ik weet dat ik het echt geprobeerd heb, en ook echt alles heb geprobeerd tot nu toe. En het is fijn dat ik “my own back” heb. Nu walste hij in ieder geval niet over me heen.
Maar; ik word er nog wel steeds door geraakt en ook door anderen. Er zijn zoveel mensen die wel even vinden “dat ik niet zo raar moet doen. Niet als een 70-plusser, terwijl je 40 bent”. En ik word daar soms nog steeds door overweldigd. Door de domheid van die reacties, van het oordeel. En dan ben ik nog steeds met stomheid geslagen.
Dus, nu stelde mijn begeleidster daarvoor een groep voor. De HOP training. Honest, Open, Proud- training. Waarin je samen met lotgenoten leert omgaan met stigma. Met dat soort reacties en daar een weerwoord tegen te hebben. Te leren terugkaatsen of op zijn minst kunnen zeggen “dat dit mij kwetst” of “dat dat een rotopmerking is”. Ik krijg het er tot nu toe niet uit in ieder geval. Terwijl ik er met goed recht denk ik wel iets van had kunnen zeggen.
Dus dat wordt de volgende stap in persoonlijke groei: beter voor jezelf opkomen en beter omgaan met die rotopmerkingen en stigma. Ik ben benieuwd wanneer die groep start en of ik er iets van ga leren. Positief is in ieder geval dat ik er de energie weer voor heb. Ik zie niet op tegen de treinreis en de energie die het me gaat kosten om daar dan gewoon te zijn. Ik denk dat ik het wel kan 🙂
En dat is dan in ieder geval al weer vooruitgang ten opzichte van vorig jaar…
