
Doe-het-zelf-maar-niet-alleen:
Op deze pagina’s vertel ik je mijn herstelverhaal. Hoe ik als jong afgestudeerd psycholoog zelf in de psychiatrie terecht kwam en wat ik leerde. Hoe ik van persoonlijke hel, naar persoonlijke vrijheid ging en wat daar voor nodig was. Hoe ik herstelde en kwam tot waar ik nu ben. Hoe ik tot het inzicht kwam dat je in een proces als dit zelf de regie moet nemen, maar dat je het zeker niet alleen hoeft te doen.
Aan de hand van de vijf herstelfases van psychosenet.nl neem ik je mee in wat ik leerde van omgaan met een psychische kwetsbaarheid. Want, ik heb een:
Psychosegevoeligheid
Korte voorgeschiedenis:
Geboren in 1985, in Breda, was ik een klein, intelligent en gevoelig meisje. Ik zag veel, maar durfde nooit eerlijk te zeggen wat ik ervan vond of dacht. Op één of andere manier was dat nooit veilig. Dat maakte dat ik al vroeg besloot; “ik sluit mijn gevoelens op, die laat ik niet zien en ik laat je zeker niet zien wie ik ben. Want; jij vind mij in essentie maar raar. Daar ontstonden volgens mij alle problemen. Ik creëerde een masker; een zelf die eigenlijk constant deed alsof, en daar kwam ik heel ver mee.
Tot het moment dat ik voor het eerst een psychose kreeg in 2014. Ik kon niet meer, ik was op.

Fase 1: De vroege fase
(1-3 maanden voorafgaand aan fase 2)
In het jaar dat ik mijn eerste psychose kreeg voelde ik achteraf gezien al maanden van tevoren dat er iets niet helemaal in orde was. Ik was met familie mee naar een carnavalsoptocht en hoewel ik één biertje op had voelde ik me zo vreemd licht in mijn hoofd. Dat kende ik niet. Ik kon het niet plaatsen en dichtte dat gevoel toe aan het biertje. De weken vooraf aan opname werden mijn gedachten steeds vreemder, ik kreeg angsten voor dingen waar ik eigenlijk nooit angstig voor was geweest en uiteindelijk tegen dat de volgende fase zich aandiende had ik het idee dat alles was voorbestemd, dat voor alles een reden was en dat God dat alles zag. Ook leek het me slim om mijn spullen op mijn balkon te zetten als het volle maan was, zodat mijn spullen zich energetisch konden opladen. Op zich niet heel vreemd. Maar toen…

Fase 2: Overweldigd zijn (ongeveer 3 maanden en 3-6 weken in de psychose)
Mijn gedachten werden steeds vreemder en steeds intenser. Mijn persoonlijke hel startte. Ik heb een katholieke achtergrond en, omdat ik net voordat ik psychotisch werd me aan het verdiepen was in spiritualiteit kwamen vooral die dingen in mijn psychose naar voren. Ik ervoer alsmaar overlopende gedachten; mijn hele geschiedenis van wie ik was kwam langs, maar dan in twintig verschillende verhaallijnen. Daarnaast had ik doodsangst; ik voelde en zag de duivel, Bijbelse verschrikkingen en alles wat je je maar voor kan stellen bij het scenario van een horrorfilm, genre exorcisme. Ik was een verhaallijn aan het volgen over doodgaan, over mijn geschiedenis van vroeger en wat ik daar eigenlijk echt van vond en al mijn emoties liepen naast die doodsangst constant in elkaar over. Alsof alles los kwam. In het volgen van die verhaallijnen zal ik het de zorgmedewerkers om me heen niet makkelijk hebben gemaakt. Ik kon namelijk niet praten en niet met woorden duidelijk maken wat ik nodig had, ook liep ik ruimtes in ‘waar ik niet hoorde te komen’ en soms liet ik de boel onderstromen, om alles te reinigen. En ik sliep niet. Daardoor was ik op een gegeven moment niet meer houdbaar, ook niet op de gesloten afdeling, en heb ik op die locatie meerdere rustruimtes van binnen gezien. Wat echter heel mooi was aan deze totale chaos is dat ik merkte dat in deze gekte er iets in me was wat toekeek, wat nergens iets van vond en dat “gezond” bleef. Bij tijd en wijlen kon ik daar naar terugkeren. En dat deel heeft me eigenlijk, ook nu niet, nooit in de steek gelaten. Noem het mijn ziel, mijn kleine lieve bewustzijn. Die ontmoette ik daar ook. En, omdat al mijn emoties loskwamen ook: liefde, warmte en zachtheid. Na 4-6 weken, ik weet niet precies hoe lang, want ik had geen tijdsbesef en alles bleef maar doorgaan werd ik overgeplaatst naar een ander psychiatrisch ziekenhuis. Daar kwam ik er na één dag uit. Daar konden ze veilig contact met me maken en me uitleggen wat er was gebeurd. Me in mijn verhaallijnen structuur bieden en me bij de les houden. Toen startte: herstel

Fase 3: Worstelen met psychose:
Dus ik kwam uit de psychose. Eerst op een gesloten afdeling, toen open en uiteindelijk weer thuis in mijn eigen vertrouwde omgeving. Ik gaf een plekje aan wat er was gebeurd. De Bijbelse gekte verdween. Wat achterbleef was diezelfde Lonneke als daarvoor, maar dan totaal door elkaar heen geklutst. En er was tijd voorbij gegaan, dus de wereld was letterlijk aan me voorbij getrokken. Ik voelde dat ik om te overleven eerlijk moest gaan zijn. Open; over waarom ik nou weer voor het hokje stond voor hulp. Dat ik grenzen moest gaan stellen. Mijn omgeving zei vaak dingen die niet hielpen en mijn partner stond ook onder vuur, omdat men vond dat ik gek was, dus dat het het beste was als hij maar bij me weg ging (volgens mij valt dat onder stigma). Ik heb in deze tijd veel rake beslissingen moeten maken en afscheid moeten nemen van mensen die het echt niet begrepen, maar er ook niet voor open stonden om het te willen begrijpen. Ik had onvoorwaardelijke steun uit mijn omgeving nodig, maar kon die niet overal krijgen. Die beslissingen waren aan één kant heel goed; het gaf me ruimte, maar aan de andere kant voelde ik me daardoor ook eenzaam en onbegrepen, want als je tegen relaties nee zegt, dan heb je ze niet 1,2,3 weer terug of vervangen.

Omdat mijn hoofd op overuren had gedraaid voor zes weken, zonder slaap, was ik moe, moe, moe en angstig. Ik was totaal afgesneden geweest van iedereen en alles die ik liefhad, want in die wereld in mijn hoofd was ik alleen. Ik kon er niet uit! Dat was totale gevangenschap. Mijn hoofd had een klap gehad en ik had op de intensive care van de psychiatrie gelegen, zoals ik sommigen daarover wel eens heb horen praten. Dat betekende dat ik snel overprikkeld kon raken. Wandelingen die ik vroeger veel en met plezier maakte lukte nu niet meer. Alleen de straat uit zorgde voor een totale overprikkeling van mijn hoofd. Ik moest uiteindelijk met hulp weer leren lopen door mijn wijk. Een steeds groter rondje, steeds verder weg en omgaan met de angst die daarbij kwam kijken. Want; angst voor terugval. Die was groot! Dingen die voor de psychose normaal voor me waren geweest, waren nu zeker niet meer vanzelfsprekend. Dat was confronterend en zorgde ervoor dat ik dacht: “Ik ben toch sport juf geweest en coördinatrice, ik ben afgestudeerd aan de Radboud Universiteit. Ik was toch goed in wie ik was? en wat ik deed? En nu dit? Waarom was mij dit overkomen?” Kortgezegd: Ik was de regie kwijt.

Wat ik wilde was zo snel mogelijk weer op de been, maar wat ik leerde was: herstel is niet te trainen. Je kunt niet zeggen; en nu doe ik tien oefeningen en dan ben ik morgen sterker. Zo werkte het helaas niet. Ik moest echt wachten tot dingen uit zichzelf weer herstelden. In mijn hoofd, in mijn omgeving en in alles wat daarbij kwam kijken. Dat frustreerde mij enorm en de acceptatie daarover was ver te zoeken. Want ik hield van hoppakee, trainen, ervoor werken, en door… Maar in dit geval werkte dat alleen maar averechts. Hoe moest ik dan verder?

Fase 3B Vallen en opstaan (2014 – 2020)
Na mijn ontslag kreeg ik direct behandeling. Dat het zo heftig was geweest had ook een positieve kant. Mensen om me heen hadden wel begrepen dat dit zonder hulp niet ging werken. Dus die kreeg ik, en goede! Gelukkig maar 🙂
Bij elke herstelstap kreeg ik hulp, en dus leerde ik om hulp vragen en te vertrouwen op dat ik die ook kreeg. Ik leerde grenzen stellen, nee zeggen, mijn trauma’s en pijn kennen, mijn verdriet, angst en mijn boosheid. En vooral leerde ik om overal woorden aan te geven. Het leek wel alsof ik ze nooit had gehad. Bij angst doorzetten of er soms bij stilstaan en bij doodsangst voor terugval; de KALM-methode. Langzaam maar zeker kreeg ik weer en beetje vat op mezelf. En heel voorzichtig aan ging ik staan.
Ik wist nooit of ik kinderen wilde, en ik had altijd zoiets, als het gebeurt, dan gebeurt het, en zo niet, dan niet. In 2016 raakte ik zwanger. Ik was aan één kant heel blij, maar aan de andere kant wist ik, kwetsbaar. Ik heb samen met mijn behandelaren goed overlegd over wat het beste was om te doen. Maar toch kreeg ik in oktober 2016 een tweede psychose. Wellicht te snelle medicatieverandering wat het triggerde? Ik weet het niet. Wat echter interessant was aan deze tweede was, hij was veel minder heftig, en waar ik achter kwam: veel van mijn verhaallijnen van de eerste psychose had ik al doorgewerkt. Dus het hele Bijbelse bleef uit, maar de angst voor de dood kwam des te heftig naar voren. Misschien wel, omdat ik zwanger was?…wie weet.

…
En….deze keer duurde de psychose maar zes dagen!! Wooow, wat was ik er snel uit! Wel weer dezelfde herstelproblemen als daarvoor, maar doordat ik het allemaal al een keer had meegemaakt had het veel minder impact. Dat sterkte me eigenlijk wel. Wel was ik natuurlijk nog zwanger en moest ik nog gaan bevallen. Dat betekende medicatie weer omhoog en een POP-team bij de bevalling (POP staat voor een specialistisch team aan mensen die hulp kunnen bieden bij mensen die én een psychische kwetsbaarheid hebben én een kind krijgen). Dat gaf me een beschermd gevoel, een heel team om me heen, én ik hoefde het niet alleen te doen 🙂 TOP!, nee, POP! 🙂
2017 – 2020 Staat in het teken van een kind krijgen en verder herstel:
Keet, onze dochter werd geboren in maart 2017. De bevalling liep goed en met de medicatie die ik had was het qua beademing wel even spannend geweest, maar kwam ze er goed uit. Dus we hadden een kindje 🙂

Verder herstel van mezelf volgde en Keet groeide op, met alles wat ik haar wél kon geven. Aandacht, haar echt zien, horen en voelen. Samen ouders worden en wennen aan verandering. Ik vond en vind het nog steeds prachtig 🙂

Fase 4: Leven met psychosegevoeligheid (2020-2023)
Op psychosenet staat: “Herstellen van een psychose en de draad weer oppakken, is een lang proces”. Dat was het ook! Ik vind het moeilijk om te beschrijven wat ik in mijn tijd deed. Ik ging getrouw naar therapie, las veel over wat me was overkomen en probeerde zo goed en zo kwaad als het ging om te gaan met de naweeën van psychose. Medicatie maakte me dik. Ik was sport juf, dat kon echt niet! Dus ik sportte veel, maar viel nooit af. Dat was niet echt helpend. Ik had nog steeds te maken met moeite met prikkels. Grote menigtes en reizen met het openbaar vervoer waren voor mij bijna niet te doen. Ik had moeite met stigma en zelf-stigma. Voor de buitenwereld was ik voor sommigen echt gek, maar zo zag ik het eigenlijk niet. Ik had iets naars meegemaakt, een hel, dat alleen al was erg, maar dan had je ook nog de buitenwereld die daar van alles van vond. In het begin durfde ik niet eens te vertellen dat ik psychosegevoelig was. Bang dat mensen me weer zouden afketsen en niet voor vol aan zouden zien. Op een gegeven moment begon ik mondjesmaat te vertellen aan mensen die ik vertrouwde wat me was overkomen. In het begin zei ik: “Ik heb een hele ernstige burn-out meegemaakt”. Dat was voor mijn gevoel veiliger en minder beladen dan te zeggen: ‘het was een psychose hoor 😉 ja ik ben echt zo gek als je maar denkt dat ik ben’.
…
Toen kwam ik ,in het psychiatrisch ziekenhuis waar ik in behandeling was, in contact met een ervaringsdeskundige. Zij vertelde me wat zij had meegemaakt en waar ze nu stond. Ze had eerst vrijwilligerswerk gedaan en was nu onderweg naar een volgende stap. Mooi vond ik dat! Zij had van haar kwetsbaarheid haar kracht gemaakt! Dat wilde ik ook! Ik vroeg om hulp bij een traject-begeleider om me te helpen naar werk en ik kwam terecht bij een organisatie voor ervaringsdeskundigheid: Ixta Noa (zie: ixtanoa.nl). Daar startte ik als vrijwilliger. Wat ik eng vond om te doen, mijn verhaal vertellen; leerde ik daar. En ik leerde dat ik niet alleen was. Dat ik eigenlijk helemaal niet gek was, maar echte narigheid had meegemaakt. Er was daar ruimte en openheid voor wie ik was. Het zelf-stigma en stigma werden kleiner. Ik nam steeds meer ruimte in voor wie ik was. Ik ging mensen coachen, groepen draaien, intervisie geven en ik voelde dat ik ergens goed in was. Ik deed weer mee 🙂 en maakte van mijn eigen kwetsbaarheid mijn kracht. Omdat ik afgestudeerd psycholoog was, ouderenzorg weliswaar, maar toch, dacht ik: oké, nou ik ben hier dus goed in. Ik heb iets te vertellen! Ik heb iets meegemaakt wat niet veel andere mensen hebben meegemaakt en ik heb er ook nog een wetenschappelijke onderbouwing bij. Namelijk mijn diploma! Laat ik eens kijken of ik met al die kennis die ik inmiddels heb iets kan doen voor de wereld en anderen zoals ik. En deze keer wil ik er wel graag betaald voor gaan worden. Niet meer vrijwillig. Ik ben het namelijk waard om betaald te worden voor waar ik goed in ben en wat ik kan. Ik voelde alleen wel, dat het met voorzichtige stapjes moest gaan. Niet te snel en teveel. Daarvan hadden we immers geleerd; dat leidt tot terugval. Ik ging weer terug naar mijn trajectbegeleider en kreeg een IPS-traject aangeboden.

Fase 5: Leven voorbij de psychose (2023-heden)
“Uiteindelijk heb je alles wat je is overkomen een plek gegeven. In je zoektocht om je kwetsbaarheid en je weerbaarheid te leren kennen en heb je veel geleerd. Je kunt jezelf en anderen uitleggen wat er is gebeurd. Welkom in fase 5 van herstel bij psychosegevoeligheid”, quote van psychosenet.nl.
Dat is waar ik nu ben. Vanaf dat ik een IPS-traject ben aangegaan ging het niet meteen helemaal bergopwaarts. Ik wilde gaan voor erkenning van mijn psycholoog-zijn en mijn niveau van intelligentie en denkvermogen. En met alles wat ik had geleerd wilde ik mijn bijdrage leveren. Ik was namelijk ergens goed in 🙂
In februari 2023 kreeg ik een werkervaringsplaats als psycholoog. Mijn gebeden werden verhoord. Wat was ik blij! Nu kon ik verschil gaan maken!
Maar, en dat had ik nog nooit mogen toegeven; ik vond het niet leuk. Na vijf maanden raakte ik bijna helemaal terug bij af. Het is dat mijn behandelaar zei: Lonneke; je bent zover gekomen, dit is het niet waard om je weer helemaal te laten terugvallen. En gelijk had ie!
…
En toen kwam het. Het moment van het ervaren van echte vrijheid! Door toe te geven dat ik het niet leuk vond, gaf ik ook toe aan iets in mezelf die altijd wilde dat de ander hem leuk vond. Ik zei nee tegen verwachtingen; ik moest altijd maar iemand worden, iemand anders dan ik, pas dan was ik genoeg. Ik zei; “dit past niet bij me”, ik zei nee tegen; zwaarte en altijd maar moeten presteren. Nee tegen ingewikkeldheden en nee tegen een Lonneke die zich altijd maar aanpast en voegt. Ik zei: dit wil ik niet meer!
Wat volgde was een periode van het daadwerkelijk even niet weten. Nooit durfde ik dat gevoel toe te laten; niet weten. Ik moest het altijd weten. Want als ik het wist, dan hoefde ik ook niet te voelen.

Nu ben ik aan het voelen. Ik ben stil gaan staan. Ik ben gaan staan voor mezelf. Ik heb toegelaten dat ik het niet weet. En vanuit dat niet weten ontstaat nu dit. Dit verhaal en deze website.
Wat ik leerde van dit hele proces:
Conclusie uit mijn verhaal is dit: Ik moet accepteren dat psychose onderdeel is van mijn leven en sommige dingen gaan nooit meer weg. Bij veel stress loopt de druk op en dan kan ik uit balans raken. Een normale baan, zoals iedereen die heeft is daardoor niet voor mij weggelegd. De hoeveelheid, de stress van alle dag; nou ja, alles waar jij dagelijks als werkende last van hebt, dat geeft mij psychische problemen. En niet een beetje, fors.
Om mijn balans te bewaren moet ik goed omgaan met mijn energie, moet ik regie voeren over mijn leven en aan het stuur van mijn schip staan. Goed voelen en vanuit dat voelen, gezonde en bewuste keuzes maken.
Ik heb er daarom voor gekozen om te gaan voor het moederschap en dat wat ik graag doe. Voor mijn always-ongoing-doe-het-zelf-projecten zoals ik ze noem en mijn gezin.
Aan één kant kan ik niet anders, en aan de andere kant wil ik niet anders. Want, ik heb altijd een passie gehad voor het kleine, thuis zijn, voor mijn gezin zorgen en creëren. En nu ik zover ben in mijn proces, en toe moet geven dat ik sommige dingen niet meer kan, ontstaat er ook ruimte voor wat wel kan.
En wat ik wil 🙂
Creëren 🙂
Dus ja, mijn herstelverhaal is af, mijn groeiproces en het leven als proces niet. Ik zie dat als een reis. Ik zal ongetwijfeld nog wel meer bumps in the road voor mijn voeten krijgen. Maar ik kies nu heel bewust voor: klein, bewust, groen en zelf doen en liefde voor mijn gezin. Dat voelt fijn en dat ervaar ik als heel zinvol 🙂

Tot slot:
Dat betekent ook dat ik dit hoofdstuk van mijn leven afsluit. Het psycholoog/adviseur zijn. Het ervaringsdeskundige zijn. Het: altijd anderen-willen-helpen-deel van mij. Ik heb het genoeg gedaan. Dat wil niet zeggen dat ik het psycholoog zijn niet ook altijd met me mee draag. Want nog steeds vind ik psychologische processen mooi. Ik wil er alleen mijn vak niet meer van maken.
Het is nu tijd voor nieuwe dingen, andere dingen. Tijd voor dingen waar ik blij van word en waar ik plezier aan beleef. Die voor mij belangrijk zijn, maar misschien niet persé voor jou.
Ik ga de wereld om me heen mooi maken 🙂 Op mijn manier 🙂
Volg je me op mijn verdere reis?
Liefs, Lonneke

Kort dankwoord:
Ik noem dit proces mijn doe-het-zelf-maar-niet-alleen-project, het misschien wel grootste project en proces van mijn leven en ik doe dat met een reden. Een proces als dit vergt weliswaar van je dat je het zelf doet, maar tegelijkertijd ook nooit alleen. Dat kan niet en dat lukt niet, want je hebt spiegels van de buitenwereld nodig om tot eigen inzichten te komen. En onvoorwaardelijke steun, geloof, hoop en liefde. Van jezelf, maar ook van je omgeving.
Dus in dit korte paragraafje wil ik iedereen bedanken die tijdens dit proces, kort of lang, naast me heeft gestaan of nog steeds staat.
Zonder jullie had ik het niet gekund!
Uit de grond van mijn hart: Bedankt! Jullie weten zelf wel wie ik bedoel 😉
Geschreven tussen 14-01-2024 en 04-02-2024, door Lonneke van Gessel.

